Wat motiveert u?
Krijgt u van uw omgeving wat u nodig hebt?
Bent u klaar voor de interactie met uw omgeving?
Welke emoties zijn er?
Hoe stevig staan uw opvattingen en overtuigingen?
Hoe moeilijk is nieuw gedrag?
Bent u zich bewust of bent u een fantast?
Dus u bent de baas in uw hoofd?
Waar vindt het meeste denk- en emotiewerk plaats?
Wanneer is iets een emotie, een gevoel of een gedachte?
Hoe worden in uw brein problemen aangepakt?
Wat levert 'bewustzijn' u op?
Wilt u (heel algemene) tips?
Hoe ondergaat u invloed?
Hoe oefent u invloed uit?
Hoe stuurt u uw woorden?
***Waardeert u contact, maar wel met laag risico?
Waardeert u contact, zo nodig met hoog risico?



 

Waardeert u contact, maar wel met laag risico?

Het volgende schema beschrijft 6 herkenbare situaties, oplopend in de voldoening die ze kunnen opleveren maar ook oplopend in sociaal risico. (bron: TA)

Situatie 1: Terugtrekken. U trekt u in uzelf terug en verbeeldt, in uw fantasie, contact met anderen. Oefenen op uw eentje over hoe u het zult gaan doen. Lekker veilig want u bent regisseur.

Situatie 2: Rituelen. Het geaccepteerde, voorspelbare gedrag dat u vaker vertoont aan het begin of einde van contact: hoe was je dag; leuk dat je me uitnodigde; moet je koffie; tot kijk, enz.

Situatie 3: Tijdverdrijven. Nieuwtjes vertellen. Weet je dat..! Nieuwtjes trekken aandacht, dus met een goed verhaal, zit u veilig. Over politiek, business, vakanties, kinderen, ziektes, geld enz. Lichte overdrijving kan helpen om de nieuwswaarde op te schroeven: "Ik ben me dóódgeschrokken!" Familiefeestjes drijven op nieuwtjes.

Situatie 4: Organiseren. Dingen doen: dansen, cadeaus bekijken, motorrijden, wandelen, kaarten, winkelen, seksen, vergaderen, tennissen. Het contact met anderen wordt gespeeld over de band van de activiteit.
Als u met anderen een overeenkomst hebt over wat, wanneer en hoe u samen iets zult gaat doen, bent u gedurende de activiteit verzekerd van contact en bent u redelijk veilig voor eventuele afwijzingen.