Wat motiveert u?
Krijgt u van uw omgeving wat u nodig hebt?
Bent u klaar voor de interactie met uw omgeving?
Welke emoties zijn er?
Hoe stevig staan uw opvattingen en overtuigingen?
Hoe moeilijk is nieuw gedrag?
Bent u zich bewust of bent u een fantast?
Dus u bent de baas in uw hoofd?
Waar vindt het meeste denk- en emotiewerk plaats?
Wanneer is iets een emotie, een gevoel of een gedachte?
Hoe worden in uw brein problemen aangepakt?
Wat levert 'bewustzijn' u op?
Wilt u (heel algemene) tips?
Hoe ondergaat u invloed?
***Hoe oefent u invloed uit?
Hoe stuurt u uw woorden?
Waardeert u contact, maar wel met laag risico?
Waardeert u contact, zo nodig met hoog risico?



 

Hoe oefent u invloed uit?

U hebt anderen nodig. Waarom?

Omdat u behoefte heeft aan contact.
En omdat vrijwel alle nuttige voorwerpen en ruimtes en leuke prikkels in uw buurt in andermans handen zijn!

Dus u moet iets doen om te verwerven wat u hebben wilt.
U moet kort gezegd, invloed uitoefenen.

Uw jeugd was één lang trainingskamp in beïnvloeding.
In de jungle van de klas of groep heeft u het hoofd zo goed mogelijk boven water moeten houden.

Hoe heeft u dat gedaan? Of anders gesteld, wat was uw favoriete beïnvloedings- en overlevingsstrategie?

Bent u aardig gaan doen om vriendjes te maken, of trachtte u vooral te scoren om uw populariteit te verhogen; deed u juist slim, agressief, dominant of normatief? Of deed u juist verleidend of was u onzichtbaar?

Uw strategie hebt u niet bewust gekozen of gepland.

Afhankelijk van uw talenten en voorkeuren, uw opvoedkundige bagage en uw omgeving, rolde er als het ware vanzelf een strategie uit.